Blog

De pandemie, een straf van God?

Mijn dochter vertelde verontwaardigd dat iemand had gezegd dat de pandemie een straf van God was, omdat wij als mensheid van God en Zijn geboden zijn afgedwaald.

Ook voor haar was het een oproep om zich te bekeren, want ze leeft samen met haar vriend zonder getrouwd te zijn. Mijn eerste reactie was: “Maar dat kun je zomaar niet zeggen!”.

Andries Boekhout

Ik moest eraan denken toen ik de tekst uit Jesaja 12 las. In de Bijbel worden rampen en oorlogen wel degelijk verbonden met de misstappen en de zonde van een natie, van een volk. Maar ja, wij doen dat nu toch niet meer? Zulke verbanden leggen wekt alleen maar wrevel op.

“Heeft God nog wel een plek in ons leven van alledag?”

Oordeel

Maar toch, ik kan er niet omheen dat er vooral in de profetieën van het eerste testament met oordeel wordt gedreigd als het volk de geboden van de Heer in de wind slaat. En dat rampen worden verklaard als straffen van een toornige God. Vandaag kun je trouwens ook opmerkingen horen dat de pandemie een straf zou zijn van de natuur, wij zouden als mensen die natuur verwaarlozen en uitbuiten en dat kun je niet ongestraft doen.

De vraag die je naar aanleiding van deze overwegingen kan stellen is: heeft God nog een plek in ons leven van alledag? En het antwoord is voor velen in ons land helder en kort: nee.

Virologen

Een priester zei onlangs: “Vroeger, in tijden van ramspoed, waren het juist de kerken waar mensen naartoe trokken en die een openbare rol speelden in de verwerking van wat op mensen afkomt”. De kerk als plaats van zingeving, als de plek waar je samen zoekt naar zin achter wat ons overkomt, waar je je laat inspireren door de woorden van de Heilige Schriften – ligt die tijd voorgoed achter ons? Moeten we het voortaan doen met enkel getallen en grafieken en wetenschappers, virologen en andere -logen die toelichten wat ons te wachten staat en hoe wij best reageren? Een collega zei onlangs: “Ja daar doe ik het mee, meer dan de wetenschap heb ik niet nodig”.

Valse tegenstelling

Ik vermoed dat deze tegenstelling tussen geloof en wetenschap voor velen reden is om adieu te zeggen tegen de kerk en vervolgens ook tegen God. Maar het is naar mijn overtuiging een valse tegenstelling. In de kerk en in het geloof zochten en zoeken we inderdaad naar zin, naar betekenis. En natuurlijk was dat in de dagen van Jesaja anders dan nu. Daarom zal ik als gelovige 2020’er zeker niet zomaar beamen dat de pandemie een straf van God is.

Er komt evenwel geen integendeel. Hoe God met de pandemie te maken heeft, weet ik niet. Wat ik wel weet, is dat wat ons overkomt ons dwingt na te denken over zin, de zin van dat waar we mee bezig zijn. En als Jesaja meer dan 700 jaar voor Christus spreekt over de woede van God, als rampspoed zijn volk treft, neem ik dat serieus. Hij zegt: “Straks zullen jullie de Heer hierom loven, hem loven omdat hij woedend op jullie was. Want dat wat er gebeurd is, dat heeft uiteindelijk een positieve verandering teweeggebracht”.

“Profeten leren ons op een andere manier te kijken.”

Beeldtaal

Moet ik dan degene die mijn dochter toesprak serieus nemen? Ja, toch wel! En het voordeel is dat we met haar of hem een gesprek aan kunnen gaan, dat we kunnen vragen: “Wat bedoel je precies? Hoe zie je dat? Welke verandering is er volgens jou nodig?” Profeten leggen de tijdverschijnselen uit aan de mensen tussen wie zij leven. Ze bieden ons een ander perspectief. Ze leren ons een ander manier van kijken. Ze tillen ons op uit onze dagelijkse werkelijkheid en roepen ons op om daar op een andere manier naar te kijken, daar iets van God in te zien. Vaak gebruiken ze beeldtaal. Jesaja 12 kun je zien als een lied vergelijkbaar met een Psalm. Als je het in de Bijbel leest, zie je ook dat het afgedrukt is als poëzie. En ook inhoudelijk heeft het zo’n structuur. Lees het nog maar eens en let dan op de herhalingen en de nuances.

Met vreugde water putten

De vraag naar de zin van dat wat om ons heen gebeurt kan ons eerst en vooral aanzetten om na te denken over de zin van waarmee wij bezig zijn. Ja, ook in deze tijd waarin een pandemie de wereld treft. Ook over onze reactie nu de maatregelen versoepeld zijn. We nemen het er weer meer en meer van en dat is plezant. De vreugde die we overal merken nu we na weken elkaar weer meer mogen ontmoeten is mooi – het is alsof we met vreugde water putten uit de bronnen van de redding. Het is ook niet zo vreemd dat we dan even vergeten dat het virus nog niet is uitgewoed en dat er elders mensen op dit moment zwaar te lijden hebben onder de gevolgen. De profeet roept ons op om ook aan hen te denken. Aan ons mag het virus dan wel voorbij zijn gegaan, maar laat die mensen die nu het slachtoffer zijn, niet in de steek.

Dit naar aanleiding van die oude Bijbelwoorden. Dat ze ons nu in 2020 maar de weg mogen wijzen naar de vreugdebronnen, om daaruit te putten en te delen in en na tijden van rampspoed.

Podcast:

 

Andries Boekhout pioniert sinds 2017 samen met zijn vrouw Alida Heinstra in Oostende. Ze hebben twee dochters die in Nederland wonen. Naast zijn werk voor de Verenigde Protestantse Kerk in België geeft Andries ook een aantal uur PEGO-godsdienstles. Samen zijn ze ook als vrijwilligers actief onder ander voor Samen DiVers.

Foto: fragment fresco Sixtijnse kapel ‘profeet Jesaja’ door Michelangelo