Nieuws

Buitengewone vriendelijkheid

In de relatie tussen de verschillende kerkgenootschappen is de laatste honderd jaar veel veranderd. Ooit was er een tijd dat christenen van verschillende kerken nauwelijks bij elkaar ter kerke gingen.

Een rechtgeaarde katholiek ging niet zomaar een protestantse kerk binnen, en omgekeerd ook niet. Hetzelfde gold voor gelovigen van andere tradities: ze hadden elk hun eigen godshuizen, en ze haalden het niet in hun hoofd om dat van een andere gemeenschap te betreden. Die tijd hebben we gelukkig achter ons gelaten. 

Ds. Douwe Boelens

De kerken geven tegenwoordig zelf het goede voorbeeld, omdat het streven naar begrip en eenheid tussen kerken en kerkgenootschappen besloten ligt in de christelijke boodschap. Heeft Jezus immers zelf niet in de uren voor zijn gevangenneming voor zijn leerlingen gebeden “dat zij allen één zouden zijn”? Kan men God een “Vader” noemen en tegelijkertijd in andere gelovigen geen zussen of broers herkennen?

Ieder jaar wordt er daarom in de tweede helft van januari een Week van Gebed voor de Eenheid van de Christenen georganiseerd. Dat gebeurt in vele landen ter wereld. Die Gebedsweek bestaat eigenlijk al meer dan honderd jaar, maar sinds 1966 zijn zowel de Wereldraad van Kerken als de Pauselijke Raad ter Bevordering van de Eenheid van de Christenen erbij betrokken.

Schipbreuk

Dit jaar is het thema voorbereid door de kerken op Malta. Zij hebben gekozen voor een verhaal dat zich op Malta afspeelt: de schipbreuk van Paulus en zijn reisgenoten, beschreven in Handelingen 28. In dat verhaal wordt verteld dat deze schipbreukelingen “met buitengewone vriendelijkheid” door de bewoners van Malta zijn opgevangen.

Het verhaal heeft een bijzondere actualiteit, omdat we leven in een tijd waarin drenkelingen en schipbreukelingen langs de Middellandse Zee vaak zonder enige vriendelijkheid ontvangen worden. Het verhaal van Paulus stelt ons de vraag hoe wij met onze vreemdelingen omgaan.

Bijbelvertalingen

Waarschijnlijk zullen veel mensen die naar een ontmoeting in het kader van de Gebedsweek gaan, en zeker de mensen die daaraan actief deelnemen, ontdekken dat de verschillende kerken verschillende Bijbelvertalingen hanteren. In de ene kerk heeft men een voorkeur voor vertaling zus, en in een andere kerk voor vertaling zo. Bij de voorbereidingen van zo’n dienst speelt dat natuurlijk een rol. De meeste aanwezigen in zo’n dienst zullen opgelucht vaststellen dat die vertalingen, ondanks de afwijkingen toch eigenlijk “op hetzelfde neerkomen”. Blijkbaar lezen we toch dezelfde Bijbel.

Omdat de Bijbelvertalingen per kerkgenootschap en traditie kunnen verschillen, is het goed om op te merken dat mensen van al die verschillende kerken en tradities binnen het Vlaams Bijbelgenootschap samenwerken om de Bijbel te vertalen, beschikbaar te stellen en het begrip rond de Bijbel te vergroten, kortom: om de Bijbel dichterbij de mensen te brengen. Er is binnen het Vlaams Bijbelgenootschap geen kerk of traditie die boven de andere staat. Mensen van alle kerken zijn welkom om deel te nemen aan deze uitdagende roeping om de Bijbel dichterbij te brengen – en ze doen dat met een buitengewone vriendelijkheid.